zaterdag 10 oktober 2020

Boodschap van Godot

- Godot? Die is hier zopas vertrokken!
- Maar we hadden een afspraak!!
- Hij had iets dringends te doen ineens, denk ik.
- Ik wacht al ééuwen om hem te spreken.
- Wacht even, hij heeft een boodschap nagelaten... Scháát... waar ligt dat briefje van Godot?
- ...
- Die vent met zijn bòlhòed!
- ...
- Hoezo, je vindt het niet? Jij nam het toch aan?
- ...
- Zij vindt het niet.
- En hij heeft verder niets gezegd?
- Waarom zou hij? Dat zal toch op dat briefje staan?

 


 

vrijdag 9 oktober 2020

De gehanteerde criteria

 - Volgens de criteria die ik voor anderen hanteer hoor ik mijzelf op staande voet te ontslaan jongen.
- En wat let je dan om het te doen papa?

 


 

donderdag 8 oktober 2020

Het uitgangspunt

 


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De vertrekkers hebben een voorkeur voor de sterkste en de hoogste bomen. Daarvoor moet je naar de allereerste boomgaard. Uiteraard, er wordt ook gekweekt (doorgaans met zorgvuldig gekozen enten), want het uitgangspunt blijft alsnog dat iedereen vertrekt.

woensdag 7 oktober 2020

Oog

Verwacht niet van mij dat
ik in alles een even goed
oog zou hebben, want
ik zal u alweer teleurstellen.


 

dinsdag 6 oktober 2020

Het dringen van de drang


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

- Sorry, de drang drong
- Geeft niet, ik ken dat, het dringen van de drang, hé. Zo ken ik er wel meer.

maandag 5 oktober 2020

zondag 4 oktober 2020

Weer zo'n antwoord


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


- Mag ik boven komen?
- Nee, ik ben pas thuis en wil eigenlijk wat rusten.
- Ja, je was op reis.
- Ja.
- Hoe was het onderweg?
- Kalm.
- Kalm?
- Lekker gegeten?
- Dat viel wel mee.
- En nog iemand ontmoet.
- Misschien.

Misschien? Wat was dat nu voor een antwoord.

zaterdag 3 oktober 2020

Huidhongersnood!

 










- Huidhonger, huidhonger! Iedereen lijkt het er wel over te hebben tegenwoordig.
- Het kan iedereen treffen.
- Zolang we maar geen huidhongersnood krijgen, denk ik dan maar.
- Ja, waar moeten wij dan heen?

- Vreemd dat er nog geen acties zijn.

 

 

vrijdag 2 oktober 2020

Mien Zwart en het boontje om te doppen

 


 

 

 

 

 

 

 

 

 

Net als haar moeder had Mien Zwart een
boontje voor mannen die hun leed in stilte verwerken
en was zij eveneens dikwijls geneigd hen dat
boontje te laten doppen.

"Maar meelij is geen liefde Mien,"
was de les die haar moeder spelde.

Wat Mien na vele jaren zou beamen!

donderdag 1 oktober 2020

Ter zake

- Wat zit ik hier eigenlijk te doen?
- Wat?
- Wat ik hier eigenlijk zit te doen?
- Wat bedoel je?
- Ik zit hier al heel de tijd.
- Ik begrijp niet waar je het over hebt, je zegt maar wat toch?
- Ik wil nu eindelijk wel eens weten wat… ach, laat maar zitten.


Illustratie: Mernet Larsen


woensdag 30 september 2020

Oerend hard rent Mientje Zwart!




 

 

 

 

 

Omdat het haarzelf niet zo goed was vergaan liet moeder haar dochter Mientje regelmatig oefenen.
“Snèller, snèller Mien!
Het geluk wacht op niemand.”

dinsdag 29 september 2020

Gevonden!

 

- Ben je zeker dat je het hier liet vallen?
- Ja, bij zo’n witte kei.
- Maar het ligt hier vol met witte keien.
- Het kan ook dààr geweest zijn!
- Dààr?
- Zoek jij hier, dan zoek ik dààr.
- Goed.
- …
- En, al iets gevonden?
- Nee.
- Wacht’ns, jaaa, hiieer!!!! Ik heb het.
- Laten we er thuis maar niets van zeggen.
- Nee, anders moeten wij weer uitleggen wat wij hier kwamen doen.
- En daar ben ik nog niet klaar voor.
- Ik ook niet.





maandag 28 september 2020

De vijf en de verschijning van de acht meeuwen.

- Acht meeuwen! Dat moet een voorteken zijn.
- Ja, maar waarvan?
- Laten we hun aantal vermenigvuldigen met het onze.
- 5 x 8 bedoel je!
- Ja, dat is 40.
- Misschien vliegen zij wel naar Noord-Afrika.
- Noord-Afrika? Dàt is het.
- Wat bedoel je?
- De meeuwen willen dat wij de namen van  Ali Baba’s veertig rovers onthullen.
- Ja, dat moet het zijn.
- Kom, we vertrekken meteen.




zondag 27 september 2020

Kwaadspreken


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Hij zou maar even weg zijn, al werd het uiteindelijk een hele tijd. En natuurlijk werd er kwaad van gesproken.

zaterdag 26 september 2020

Synchroonpotloodrapen

Wat is Synchroonpotloodrapen ?
Synchroonpotloodrapen wordt ook wel eens (maar is minder veelzeggend) kantoorturnen genoemd, omdat het te vergelijken is met een potlood oprapen in kantoren. Met op de achtergrond het gebabbel of de muziek van een regionale radiozender wordt er met een zo vlot mogelijke beweging een potlood opgeraapt. 

Dit kan uiteraard op kantoor, maar ook andere lokalen zijn mogelijk. Het is lichaamsbeweging die enige souplesse vereist om het goed uit te voeren. Er bestaan verschillende disciplines: met kleurpotloden, vulpotloden, vulpennen, latten, enz. Vaak in combinatie met elkaar. Het moeilijkst zijn latten op een gladde vloer en stiften zonder dop die wegrollen onder een stoel waarop een meisje of vrouw zit.  Alles draait hem om de vlotheid van de beweging.


Synchroonpotloodrapen wordt vaak door mannen beoefend maar ook vrouwen laten zich niet onbetuigd.
De sport is nog niet overal officieel erkend, maar aangezien de instapkosten eerder aan de lage kant zijn en zij haast overal kan beoefend worden, zou dit wel eens snel kunnen veranderen.


 

vrijdag 25 september 2020

De jurk

 De vrouw ging naar boven.
“Tijd om te vertrekken,” mompelde zij.
“Ga je weer naar hem toe?” vroeg de jurk die zij altijd droeg wanneer zij naar hem toe ging.
“Dat weet je wel,” antwoordde zij.
“Van hoe laat tot hoe laat?”
Zij dacht even na,
“Tot zo lang mogelijk,” antwoordde zij.
“Ja, daar wordt het stilaan tijd voor,” antwoordde de jurk bemoedigend.
“Wat vind je van hem?”
“Hij heeft zachte handen.
“Ja, dat ook.”

 

Illustratie: Джулия Пинту

donderdag 24 september 2020

De regen

 


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Het is de regen niet,
die mij tot die dingen drijft,
maar het is zo gemakkelijk
om hem erbij te halen.

woensdag 23 september 2020

De man die zichzelf verafschuwde

De man verafschuwde zichzelf.
Hij gaf zich vanmorgen een oorvijg.
Je bent een zielige man,
zo sprak hij zich in stilte toe.
Luidop zou iemand het kunnen horen.
Maar je komt niet van me af.
Wij horen bij elkaar.


 

dinsdag 22 september 2020

De hangklok van mijn grootvader.

 


 

 

Op een dag, ik was op jacht, bespeurde ik tussen de schaduwen aan de rand van het bos de oude wandklok van mijn grootvader. Die met alle vergeten momenten. Ik wilde haar de mijne maken, maar zij moet mij hebben opgemerkt, want zij trok zich wat verder terug tussen de bomen.
“Als jij de wandklok van mijn grootvader bent laat mij jou dan de mijne maken, dan hang ik je bij mijn andere trofeeën en dan kan ik al die vergeten momenten ophalen telkens als ik daar zin in heb,” riep ik.
“Waarom zou ik,” antwoordde de wandklok luid tikkend, “het zijn jouw vergeten momenten niet, maar die van je oude grootvader. De meeste ervan ken je niet eens want je was er nooit.”
“Maar wat doe jij hier dan in het bos, is dat geen vreemde plaats voor een wandklok?”
“Helemaal niet, ik ben, dat besef je toch, niet zo maar een een wandklok?!”
“Zeker niet, je was een enig stuk, zei grootvader altijd, en voor wie haar goed verzorgde zou je meer zijn dan alleen maar een apparaat dat de tijd aangaf.”
“Zo is het. Eigenlijk ben ik je grootmoeder, maar omdat ik méér wilde zijn en hem had beloofd dat ik zou zorgen voor onze vergeten momenten, stemde hij erin toe dat ik mij tot hangklok liet ombouwen. Hij was een lieve man, boordevol begrip en empathie.”
“Wat? En hoe zat dat dan met je gezinsplichten als vrouw?”
“Dat gaat jou niets aan. Maar wees gerust, voor alles was er een tijd en een stond. Ga nu maar naar je vrouw en denk goed na over wat ik je heb verteld.”
Thuis heb ik over het voorval gezwegen. Hoe ik er ook over nadacht, een en ander leek mij onbevattelijk.
“Wat zit je toch te dubben,” vroeg mijn vrouw, “Het lijkt wel of je je al onze vergeten momenten wil herinneren.”
Zij besefte niet hoe ver ze weer van de waarheid af zat.

 

maandag 21 september 2020

Een mogelijk lief

Ik sta altijd vroeg op om een mogelijk lief ontmoeten. Een beetje als een brocanteur die optrekt naar een voddenmarkt. Ineens stond ik voor een mogelijk lief dat ik niet kende. (Er zijn er tientallen die ik wel ken.) Een stevig mens met gelijkmatige ledematen. Hé, wie was dat? Hoe kon ik haar niet kennen? Het was geen vergissing, ik kende haar niet. Ik had haar nog nooit eerder gezien. Ik liep even langs haar heen en weer terug. Zij zag eruit zoals dat hoort. Zij bestond echt zoals ik haar zag. Zij maakte een gunstigere indruk dan de andere vrouwen die in de buurt rondhingen. In die mate dat de ontmoeting mij ongelofelijk toescheen.

Een dag later was ik weer vroeg opgestaan om een mogelijk lief te ontmoeten. Willekeurig verlangde ik het mogelijke lief van gisteren weer te ontmoeten. Het was toch ginds? Of iets verder? Achter de hoek op het plein? Nee, hier was het. Zij was er niet. Het mogelijk lief. Was zij ontvoerd? Weggeroepen? Verlokt? Dan moesten er sporen zijn. Maar niets van dat al. Het leven was zijn gang gegaan.

Berustend liep ik verder. Misschien ben ik wel aan iets ontsnapt.

 


 

 

zondag 20 september 2020

Waakdier

Heel haar leven geloofde zij erin en bleef zij vissen mee naar huis brengen om hen de kans te geven zich te bewijzen als gezelschaps- en waakdier. Sommigen deden het bijzonder goed en er zijn inbrekers die tot op de dag van vandaag niet goed begrijpen wat hen is overkomen. "Wat je geeft krijg je terug," zei ze altijd.

Illustratie: Gerhard Glück

 

zaterdag 19 september 2020

De bescheidenheid van onze leiders (Opsinjoorke)

Wij hoopten uiteraard dat het eens een boekhouder zou worden. Na alle petitionnementen en bevragingen was dat logisch geweest. Eerder dan een verpleegster of een app-ontwikkelaar. Van deze laatsten valt ook moeilijk in te schatten hoe zwaar hun maatschappelijke impact uiteindelijk zal wegen in historisch perspectief. Over vijftig jaar misschien. Maar nu het alweer een politicus is die op kosten van de samenleving naar de hemel werd geopsinjoord is ons geloof in de bescheidenheid van onze leiders nog maar eens beschaamd. Al hadden wij het kunnen weten. ("Wij wegen niet zo zwaar!' was achteraf het argument.)




donderdag 17 september 2020

Wat nu?

- En toen dacht ik dat ik wist waar het zou ophouden.
- En jij erop af natuurlijk.
- Uiteraard.
- En?
- Ik werd doorverwezen.
- Het hield dus daar niet op?
- Nee, technisch gezien niet.
- En wat nu?
- Ja, wat nu?


 

dinsdag 15 september 2020

Een aforisme van oom Floris

 Het schrijven van trieste gedichtjes is in onze streken een belangrijk spijtbedrijf.



maandag 14 september 2020

Te veel

- En toen zei ik dat ik hem nooit meer wilde zien.
- Echt?
- Ja, en dan zie hij dat hij mij nooit weer wilde zien!
- Echt iets voor hem. En wat denk je?
- Ik denk niet dat hij dat meende.
- En jij?
- Ik? Je kent mij toch?!


 


zondag 13 september 2020

Oud worden: een inleiding

Hou er rekening mee dat het altijd kan gebeuren dat men u vraagt in een rij te staan, de mannen links, de vrouwen rechts, of voor en achter, …

Het zou kunnen helpen.

Illustratie: Marius van Dokkum

 

zaterdag 12 september 2020

Een hypothese

Stel, de aarde is een ei
gelegd door een kosmische kip,
het zou het gekakel
ineens wel verklaren

Illustratie: Jeff Jordan

vrijdag 11 september 2020

Hermanistes onder elkaar

Illustratie: Felix Valloton

 

 

 

- Maar hoeveel Hermannen ken jij eigenlijk?
- Vier.
- Ik zeventien!
- O, dan heb ik nog heel wat voor de boeg!

donderdag 10 september 2020

In het leven staan

- Kijk dààr, oprechtheid!
- Wel wis en drie, dat zou best eens kunnen
- Wat moeten we nu
- Uit de buurt blijven
- Ik kijk wel uit
- Ja, voor je het weet ga je nadenken
- Zet het aan het denken?
- Op een of andere manier wel, ja.
- Is het gevaarlijk dan?
- Dat hangt er van af hoe je in het leven staat.
- Daar heb ik mij nooit vragen over gesteld
- Waarover?
- Over hoe ik in het leven sta.
- Ik ook niet hoor.